Omstreeks de elfde eeuw
De eerste bewoners vestigen zich in de omgeving van Nieuwveen. Zij beginnen met het ontwateren en in cultuur brengen van de veengrond, waardoor deze langzaam geschikt wordt voor landbouw en veeteelt.
1050 – 1640
11 gebeurtenissen
De eerste bewoners vestigen zich in de omgeving van Nieuwveen. Zij beginnen met het ontwateren en in cultuur brengen van de veengrond, waardoor deze langzaam geschikt wordt voor landbouw en veeteelt.
Op deze plek ontstaat een nederzetting die later Nieuwveen zal heten.
De naam is in de loop van de eeuwen flink veranderd: eerst Nuenvene, vervolgens Nijeveen en Niuweveen, in de zeventiende eeuw Nieuveen, daarna Nieuweveen, en vanaf 1795 Nieuwveen.
In de bodem zit een laag laagveen. Het afgraven daarvan komt op gang.
Aan de Kerkstraat staat op dat moment al een klein rooms-katholiek kerkje.
De oudste harde vermelding van de dorpsnaam. Graaf Willem III geeft toestemming "die leenacker legghende bi der kerc lane te Nuwenvene" te verkopen. Daarmee staan zowel de naam Nuwenvene als de Kerkstraat – toen "der kerc lane" – in 1331 op schrift.
De middeleeuwse kerk was toegewijd aan de heilige Nicolaas en werd door de Graven van Holland begeven.
Graaf Willem laat weten geen bezwaar te hebben tegen de verwisseling van Willem van Schade, priester te Nieuwveen, met ene Servaas, priester te Bunschoten.
Aan de Kerkstraat verrijst een nieuwe rooms-katholieke kerk, in de plaats van het kerkje dat er al stond. Dat oude kerkje was gewijd aan de heilige Anna; de nieuwe kerk kreeg de heilige Nicolaas als patroonheilige.
De Hervorming bereikt Nieuwveen. De kerk aan de Kerkstraat uit 1559 komt in hervormde handen. De katholieken van het dorp gaan voortaan naar de parochie Zevenhoven.
Het oudste nu nog bestaande woonhuis van Nieuwveen dateert volgens het Kadaster uit dit jaar.
Naast de hervormde kerk aan de Kerkstraat blijkt dan al een algemene dorpsschool te staan.